In aflevering 3 van MKB in Midden-Brabant bezoekt Marloes Rijken AVIA Vollenhoven in Tilburg. Het familiebedrijf bestaat al meer dan 130 jaar en staat opnieuw voor een grote verandering. Waar het bedrijf ooit begon met smeerolie, huisbrandolie gevolgd door tankstations, investeert het nu steeds vaker in laadoplossingen en andere nieuwe energievormen.
Directeur Thomas Bogaers staat midden in die verandering. Terwijl de energiemarkt verschuift en geopolitieke spanningen de olieprijs opdrijven, ziet hij nog een andere uitdaging: regels. ‘Ik ben zo tien tot vijftien procent van mijn tijd kwijt aan regelgeving.’ Reken dat is door over alle directeur eigenaren in Nederland en vervolgens de uren van alle mensen die dit bedenken en weer controleren.
De geschiedenis van AVIA Vollenhoven rijmt met flexibel ondernemen. Of zoals Bogaers zegt: ‘Kansen zien en grijpen, zolang je flexibel blijft om je route aan te passen: dat is ondernemen.’ Het bedrijf begon ruim een eeuw geleden met brandstoffen, en veranderde mee toen de wereld dat ook deed. ‘Toen aardgas in de jaren zestig opkwam, verdween een groot deel van de vraag naar stookolie. Mijn opa besloot toen samen met zijn zoons de stap te zetten naar motorbrandstoffen en tankstations. Dat was spannend, maar het bleek de juiste keuze.’
Diezelfde spanning ervaart de directeur nu opnieuw, omdat met de energietransitie de kaarten opnieuw worden geschud. ‘Elektrificatie, waterstof en nieuwe mobiliteitsvormen veranderen de sector. Elektrisch laden en batterijtechnologie waren voor ons een compleet nieuwe tak van sport. Dat moet je als organisatie opnieuw opbouwen.’
Daarom investeert AVIA Vollenhoven ook in innovatieve technologie en start-ups. Met zekerheid van slagen?
Met risico ondernemen vraagt wel een langetermijnvisie. Volgens Bogaers is die visie typisch voor familiebedrijven. ‘Het bedrijf sterker en beter achterlaten voor de volgende generatie is de grootste drijfveer. En omdat je nou eenmaal ergens geworteld bent raak je automatisch betrokken bij de regio. Daarom investeren familiebedrijven vaak in lokale initiatieven, verenigingen en maatschappelijke projecten. ‘Zolang we kunnen, gaan we door. Je voelt verantwoordelijkheid voor de omgeving waarin je werkt’, legt de directeur uit.
‘We zitten hier al generaties lang én we blijven hier nog wel even. Dan moet je ook iets terugdoen voor sportclubs, evenementen en goede doelen. Dat is niet meer dan normaal.’
Die binding met de regio is er dus wel, maar dan die met het rijk? ‘Als je dat toespits op het aantal formulieren dat ik mag invullen..’, knipoogt de directeur. ‘Zonder grappen: formulieren invullen, controles en verplichtingen nemen zo tien tot vijftien procent van mijn tijd in beslag.’ Tijd die hij liever anders zou besteden. ‘Het systeem is gebaseerd op wantrouwen. Terwijl het beter zou zijn om ondernemers die zich al bewezen hebben te vertrouwen en je te focussen op die paar rotte appels.’
‘We hebben te weinig mensen om al het werk te doen. Maar we verlagen de productiviteit verder door werkenden te belasten met extra regels die ook nog gecontroleerd moeten worden, terwijl die controle zelf óók arbeid opslokt. Dat is toch hartstikke krom?’ Maar, volgens Bogaers hoeven niet alle controles te verdwijnen.
Naast regelgeving spelen ook internationale ontwikkelingen een rol. De oorlog in het Midden-Oosten en stijgende energieprijzen hebben direct invloed op de sector. Bogaers lacht: ‘Ja, dat merken wij meteen. Hoe graag je ook zou willen, je kunt er niet onderuit.’ Volgens hem staat de Nederlandse concurrentiepositie al langer onder druk. ‘Onze internationale concurrentiepositie verslechtert eigenlijk al vijftien jaar door hoge energieprijzen.’
Hij wijst naar België. ‘Daar kan de overheid accijnzen sneller aanpassen, waardoor brandstof goedkoper is. Transporteurs tanken dan daar. In een logistieke regio als deze voel je dat meteen. Zo verlies je als land volume en uiteindelijk economische activiteit.’
Regeldruk hier en stijgende energieprijzen daar: is het nog wel leuk om directeur zijn van een diepgeworteld familiebedrijf? Oh jazeker’, glimlacht Bogaers. Hij leunt achterover. ‘We zijn bezig met het opvolgingsproces. Net zoals wij destijds, doorlopen zij ook het proces om te ontdekken of het iets voor hen is.’
Juist dat geeft extra motivatie. ‘Je voelt daardoor nog sterker de wil om de wereld beter achter te laten, met een nog sterker AVIA Vollenhoven. Daar kan geen regel tegenop.’

Neem dan contact op met Marloes Rijken.